Soort inzet ervaringsdeskundigheid

Veel mensen willen hun ervaringsdeskundigheid gebruiken om anderen te helpen, of om de samenleving verbeteren. De bekendste manier daarvan is het vertellen over eigen ervaringen, maar er zijn veel meer mogelijkheden. De keuze voor het werk begint met de soort ervaringsdeskundigheid die iemand in wil zetten. 

Biografisch

Het beschrijven van eigen ervaringen noemen we biografisch werken. Dit is bij alle doelen van het inzetten van ervaringsdeskundigheid een interessant onderdeel. 
In boeken is dat vanzelfsprekend. Het schijnt dat elke auteur in zijn eerste boek autobiografische stukken verwerkt. Los daarvan verschijnen er veel boeken die volledig autobiografisch zijn. De schrijver vertelt zijn levensverhaal, compleet met alle ervaringen, emoties en de geleerde lessen. Dit soort boeken heeft vaak een positief einde. Door het terugblikken op alle ervaringen en het doorgemaakte proces, blijkt dat de schrijver er veel van heeft geleerd. Door alle levenslessen ontstaat een wijsheid die soms van alle pagina’s van het boek af spat. 

Ook bij voorlichting is het vertellen van eigen ervaringen interessant. Soms wordt dit aangevuld met collectieve ervarinsdeskundigheid, of specilaistische kennis over het onderwerp. Dat is niet altijd nodig. Juist een ervaringsdeskundige die met veel emotie over eigen ervaringen vertelt, maakt vaak indruk. Ditzelfde effect kan werken voor belangenbehartigers. Met één goed gekozen voorbeeld valt vaak meer te bereiken dan met ellenlange betogen vol argumenten. Het kan een voorbeeld uit je eigen leven zijn, of van iemand anders. De kunst is om ervaringen te vinden die je boodschap kracht bijzetten. 

Het delen van eigen ervaringen is ook de kracht van lotgenotencontact en ervaringwerkers. Het kan heel krachtig zijn als de ander weet dat jij hetzelfde hebt meegemaakt. Mensen herkennen zich in de verhalen van lotgenoten, of vinden troost in het feit dat ze niet de enige zijn die iets meemaken. Het kan ook heel hoopgevend zijn om te horen hoe iemand uit een ellendige situatie is gekomen waar je zelf middenin zit. 

Tot slot kan de wetenschap niet zonder biografische ervaringsdeskundigheid. In talloze onderzoeken zijn wetenschapper afhankelijk van de beschrijving van ervaringsdeskundigen. 

Specialistisch

Gaandeweg leert elke ervaringsdeskundige allerlei feiten en kennis. Het kan gaan over de eigen ziekte of beperking, over regelgeving of bijvoorbeeld over inclusie. Meer over de inhoud van deze kennis bij xxx Sommige ervaringsdeskundigen lezen wetenschappelijke literatuur, en zoeken naar internationale bronnen. Er zijn ook allerlei trainingen en scholing waarin ervaringsdeskundigen zich kunnen specialiseren in een onderwerp. Sommige ervaringsdeskundigen bijten zich vast in een onderwerp. Op een gegeven moment weten ze er minstens zoveel van als de vakprofessionals en wetenschappers waar ze mee praten. 


Het inzetten van specialistische ervaringsdeskundigheid is interessant zodra het gebeurt in een situatie waar anderen minder kennis hebben. Bijvoorbeeld bij een lobby voor een inclusieve gemeente. Als jouw gemeente nog geen Lokaal inclusiebeleid maakt, is het niet nodig om heel gedetailleerd het VN-verdrag Handicap uit je hoofd te kennen. De grote lijnen zijn dan voldoende, omdat zelfs een klein beetje kennis dan al groter is dan dat van de wethouder of ambtenaar waar je mee praat. Van ervaringsdeskundigen die meeschrijven aan behandelprotocollen, of coproducent zijn van (medisch) onderzoek, wordt juist wel een grote expertise verwacht. Het gaat daarbij om hoog kennisintensieve inzet van ervaringsdeskundigheid. 

Beschouwend

Ervaringsdeskundigen zitten vaak in een positie waar ze kunnen overzien hoe de zorg en ‘het systeem’ geregeld is. Door levenslang zorg te ontvangen, leer je vanzelf wat wel en wat niet werkt. Ook eenmalige of kortere gebeurtenissen kunnen veel duidelijk maken. De beschouwende positie van ervaringsdeskundigen is meestal zeer kritisch. Soms gaat dat gepaard met heftige emoties omdat men niet tegen onrecht kan, of een heftige gebeurtenis heeft meegemaakt. De kritische bril waarmee ervaringsdeskundigen gebeurtenissen, het systeem en de hele zorg- en welzijnssector beschouwen, leidt vaak tot een intrinsieke motivatie om het systeem te veranderen. 

Helpend

Hoe mooi is het om de kennis en ervaringen uit de zwaarste periode in je leven om te zetten in iets goeds. Om anderen te kunnen helpen, met de lessen die jij geleerd hebt. Ervaringsdeskundigen die dit doen, moeten leren dat de weg die anderen doorlopen altijd anders is dan het pad dat ze zelf gevolgd hebben. Maar omdat er ook veel overeenkomsten zijn, is ervaringsdeskundigheid een goede basis om anderen te helpen. Het gebeurt in lotgenotencontact, of door individuele cliëntondersteuning. Ook ervaringswerkers binnen zorginstellingen hebben de drive om anderen te helpen met de lessen die ze zelf hebben opgedaan. 

De hulp of ondersteuning die ervaringsdeskundigen bieden, sluit vaak goed aan bij de behoefte van degene die het ontvangt. Ervaringsdeskundigen voelen aan wat er nodig is, of kunnen op een dieper niveau contact maken. Ze kunnen ook meer maken dan andere hulpverleners. Als iemand een spreekwoordelijke schop onder de kont nodig heeft, kan die het beste gegeven worden door iemand die wéét hoe het is. 

Belichaming

Belichaming is alleen mogelijk door ervaringsdeskundigen met een zichtbare beperking, of een uitstraling die al direct duidelijk maakt met wat voor uitdagingen ze in het leven te maken hebben. Ze geven met hun aanwezigheid een niet te missen signaal af. Bijvoorbeeld mensen in een rolstoel. Als er nooit iemand met een rolstoel op straat zou rijden, zouden we al snel vergeten om rekening te houden met deze groep. Als we zien dat iemand in een rolstoel moeite heeft om een stoeprand op te komen, worden we geconfronteerd met de ontoegankelijkheid van de straat. Als er tijdens een vergadering enkele mensen aanwezig zijn die moeite hebben om alles te volgen, wordt iedereen gedwongen om daar rekening mee te houden. En als dat niet gebeurt, zal in ieder geval duidelijk zijn hoe ontoegankelijk de vergadering is. 

Een andere vorm van belichaming is de rol van ‘hoopverlener’. Als iemand in een dal zit, kan het hoop geven om te zien dat het anderen gelukt is om uit dat dal te klimmen. Het geeft hoop om van iemand te horen dat er licht is aan het einde van de tunnel, zeker als diegene recht van spreken heeft.