Iedere TV-kijker heeft ervaringskennis

Er is veel veranderd sinds het begrip ‘collectieve ervaringskennis’ geïntroduceerd werd. Is het aan herziening toe?

Bij een avondje TV-kijken kan je er niet omheen. Mensen vertellen over de ziektes en ellende in hun leven. De persoonlijke drama’s worden besproken aan de tafels van alle talkshows, kort aangestipt bij quizzen en spelshows, uitgebreid belicht in documentaires, in het nieuws mogen mensen vertellen hoe ze zich voelen en er zijn hele programma’s die draaien om het helpen van iemand in een zielige situatie. Blijkbaar doen persoonlijke drama’s het goed op TV.

Het zet me aan het denken over het begrip ‘collectieve ervaringskennis’. Is dat begrip niet aan herziening toe?
De term stamt uit de tijd dat niemand persoonlijke verhalen vertelde. De tijd dat het op TV nooit over psychische problemen ging, en zelden over (andere) beperkingen. De tijd dat het schrijven van boeken met ervaringsverhalen gestimuleerd werd, omdat er zo weinig waren. Lang voordat mensen hun ei kwijt konden op Social Media.

Die tijd is nog niet eens zo lang geleden. Ooit werkte ik mee aan een TV-serie over psychische aandoeningen. “Doe even normaal“. Psychiater Robert Schoevers had het initiatief genomen voor die serie, om meer bekendheid te geven aan al die aandoeningen. Het waren acht uitzendingen over verschillende aandoeningen, met telkens twee portretten. Het was uniek dat mensen zo openlijk vertelden over hun leven met psychische problemen. Ik weet dat mijn portret daarna op meerdere opleidingen is gebruikt als lesmateriaal, omdat er vrijwel geen andere filmpjes waren waarin de persoon zelf vertelt over het leven met een depressie. Dat was pas 7 jaar geleden, in 2014. Het was de begintijd van Samen Sterk zonder Stigma. Toen nog ’tegen Stigma’. Ik weet nog dat er geturfd zou worden hoe vaak het in de media op een positieve manier over psychische problemen zou gaan. Dat was toen nog te overzien, maar nu raak je op één avond al de tel kwijt. Wat dat betreft heeft SSzS ruimschoots haar doel behaald.

Iets meer dan tien jaar geleden werd ervaringskennis ook erkend als kennisbron die in onderzoeken en opleidingen gebruikt kan worden. De zogenaamde derde kennisbron, naast wetenschappelijke en professionele kennis. Heel concreet was dat in de verslavingszorg. In 2010 tekenden voorzitters van Raden van Bestuur en Cliëntenraden van 15 instellingen het “Handvest van Maastricht‘, waarin ervaringskennis officieel tot derde kennisbron werd benoemd. Is de ervaringskennis die toen benoemd werd, nog hetzelfde als waar we het nu over hebben?

Kennis over de levenservaring van anderen

Collectieve ervaringskennis gaat over de levensverhalen van andere mensen. Het gaat er over dat je verder kan kijken dan je eigen situatie. Je hebt het nodig om te beseffen dat jouw manier om met bijvoorbeeld je depressies om te gaan, voor anderen niet de juiste oplossing zal zijn. Dat ieder mens dingen anders beleeft. Dit is heel goed te leren via TV, social media of door het lezen van boeken en artikelen. Het is een goed middel om meer begrip te krijgen. Om stigma’s tegen te gaan en bewustzijn te creëren over het leven met … (vul maar in).

Maar de collectieve ervaringskennis die ervaringsdeskundigen inzetten gaat nog een stapje verder. Het gaat om het verbinden van je persoonlijke ervaringskennis aan de ervaringen van anderen die een soortgelijke situatie meemaakten. Dus pas als je zicht hebt op het proces dat je zelf hebt meegemaakt, kan je de ervaringen van anderen plaatsen. Vaak gaat het dan om een specifiek soort ervaringen. In de GGZ werken ervaringswerkers vanuit de Herstelvisie. Voor hen is collectieve ervaringskennis het besef dat je méér bent dan je kwetsbaarheden, en dat je er mee kan leren leven. Ervaringsdeskundigen die zich inzetten voor toegankelijkheid en het VN-verdrag beperking hebben een ander soort collectieve ervaringskennis nodig. Voor hen is het belangrijk om te weten welke drempels mensen met andere beperkingen ervaren. Letterlijk en figuurlijk. Ze weten veel van toegankelijkheid, en kunnen daar voorbeelden bij geven. Voor gespreksbegeleiders van lotgenotengroepen waar mensen komen die nog niet lang een diagnose hebben gehad, is het belangrijk om stil te kunnen staan bij de specifieke eigenschappen van de ziekte/omstandigheden waar de groep over gaat.

Volgens mij blijkt uit bovenstaande dat TV-kijken zorgt dat je ervaringskennis toeneemt, maar dat dat niet bij iedereen op dezelfde manier gebeurt. Voor iedereen die werkt als ervaringsdeskundige is het belangrijk om in contact te blijven met ervaringen van anderen. Het is geen vak dat je even in een training of op een opleiding leert, maar een bewustzijn en kennis die je moet blijven voeden. Als er op TV iemand over zijn of haar leven vertelt is dat soms gewoon saai. Het onderwerp raakt je niet, of de persoon raakt je niet. Dan krijg je misschien wel meer kennis, maar dat is vooral theoretisch. Je hoort wat iemand vertelt en kan dat later navertellen. In het beste geval, leer je wat je zelf NIET wilt. Maar als je wél geraakt wordt door een verhaal op TV, zal je al snel de verbanden met je eigen leven leggen. Het kan dingen verhelderen, of woorden geven aan datgene wat je zelf niet uit kon leggen. Op zo’n moment breidt je zowel je persoonlijke als je collectieve ervaringskennis uit.

Eigen ervaringskennis of geleerde ervaringskennis

Ik denk dat het tijd is om het begrip ‘ervaringskennis’ verder uit te werken. Om verschil te maken tussen ervaringskennis die heel dicht bij je eigen ervaringen ligt, en de kennis over mensen en situaties waar je niets mee hebt.

Ervaringskennis dicht bij jezelf

Hoe dichter een ervaring van een ander bij jouw eigen ervaring komt, hoe meer impact dat heeft. Het draagt direct bij aan invoelbare ervaringskennis. Een voorbeeld. Als ik mensen vertel dat ik een overleden kind heb, schrikken ze. Regelmatig krijg ik de opmerking ‘een kind verliezen is het ergste dat er is’. Ik zal het zelf nooit zo stellig zeggen, maar voor mij klopt dat inderdaad. Je zou kunnen zeggen dat al deze mensen ervaringskennis hebben, en zich empatisch inleven in mijn situatie. Het maakt daarbij niet uit wat voor soort levenservaring ze zelf hebben. Toch kan ik aan de reactie van mensen merken of ze ervaringsdeskundig zijn. Ze wachten dan nét wat langer met antwoorden. In die fractie van een seconde voelen ze hun angst om hun eigen kind te verliezen…. De ervaringsdeskundigen die ik bedoel hoeven geen psychische kwetsbaarheid of een beperking te hebben, ze hoeven niet gereflecteerd te hebben op hun persoonlijke ellende. In mijn ervaring gaat om álle ouders. Want dat moment dat je voor het eerst je baby in je armen hebt… Dat moment verandert je voorgoed. En dat eerste moment waarin je geraakt wordt door mijn opmerking is volgens mij het moment waardoor alles wat ik daarna vertel bij zal dragen aan zowel je persoonlijke als collectieve ervaringskennis.

Theoretische ervaringskennis

Als ik werk met mensen met een (zichtbare) lichamelijke beperking, is het altijd heel duidelijk waar hun ervaringsdeskundigheid ligt. Dat vind ik ook het mooie van het werken in deze sector. De ervaringsdeskundigen zijn heel duidelijk in wat ze weten uit eigen ervaring, en wat ze weten omdat ze verstand hebben van de ervaringen van anderen. Zo kan ik jullie uitleg geven over de Dovencultuur, want ik heb veel doven gesproken en doe een cursus gebarentaal. Het is echt een heel andere wereld dan we gewend zijn, waarbij mensen dingen opmerken die wij niet eens waarnemen. Maar hoeveel ik er ook over lees en hoeveel ik ook praat met dove mensen… ik zal me nooit écht in kunnen leven. Daardoor kan ik heel duidelijk zijn over de ervaringskennis die ik heb. Ik kan adviseren over inclusie, over doventolken, schrijftolken en cochlair implantaten. Maar eerlijk gezegd raakt dat vrijwel nergens aan mijn persoonlijke ervaringsdeskundigheid. Dus ik kan de collectieve ervaringskennis doorgeven, maar ik zal nooit uit ervaringsdeskundigheid kunnen spreken. Het is feitelijk ‘Cognitieve ervaringskennis’.

Ervaringskennis opdoen: met anderen, door anderen, over anderen

In mijn poging om grip te krijgen op de materie, ben ik verschil gaan maken tussen de manieren waarop ervaringskennis verkregen wordt. Het kan zijn dat je ervaringskennis krijg doordat je mét anderen iets beleeft of iets bespreekt over gezamenlijke ervaringen. Het kan zijn dat iemand je raakt met zijn verhaal, of dat je op TV geraakt wordt door een persoonlijk verhaal. Het kan zijn dat je een boek leest of iets te horen krijgt over het leven van andere mensen. Daarna kan je die ervaringen best wel herhalen maar dat is op een cognitief niveau. Ik heb het verwerkt in het schema dat we bij ons project ‘Waardering Ervaringsdeskundigen‘ gebruiken.

Een volgende keer zal ik ingaan op de inhoud van ervaringskennis. Om je aan het denken te zetten alvast een schema:

Zoals altijd: ik hou van kritische reacties, aanvullingen en complimenten. Alles wat me helpt om meer grip te krijgen op het ingewikkelde onderwerpen ‘Ervaringsdeskundigheid’. Dus leef je uit in een reactie hieronder, of mail me gewoon direct.