lijntekening van hand met pen die schrijft in kladblok met lijntjes

Het opstapje

Toen ik uit de bus was gestapt, na een vrij lange reis, zag ik aan mijn rechterhand een interessant gebouw. Antikraak, was mijn eerste gedachte. Een voormalig schoolgebouw, of iets degelijks? De persoon die er nu woont heeft uitmuntende smaak, dacht ik ook nog, want ik zag veel – heel veel – groen achter het raam. Een paar meter later zag ik een rek voor de deur staan met kleding. Hmmm… Geen antikraakbewoning door studenten, maar een sociaal initiatief? En toen, in grote letters: FOCUS. Yep, het was een goed idee hierheen te reizen.

Naast verzamelaar van verhalen van ervaringsdeskundigen, ben ik ook verzamelaar van, soms onnodige, vintage en tweedehands items: boeken, kleding, prullaria… Hou me tegen! Toen ik herstellende was van mijn laatste depressie ben ik vrijwilligerswerk gaan doen – eerst tussen de boeken, daarna spittend door vuilniszakken vol met kledij – bij een organisatie die zich voornamelijk inzet voor klimaat- en dierenwelzijn. Net als ik was het gros van de mensen daar omdat ze herstellende waren van het één of ander, hopend op een terugkeer in het reguliere arbeidsproces. In ieder geval om iets ‘nuttigs’ te doen en onderdeel te zijn van een groter geheel, niet te vereenzamen, even bezig te zijn. Voor de voormalig werkenden onder ons bleek deze organisatie vaak een succesvolle match en boden ze een mooi op maat gemaakte opstapje. Veel succesverhaaltjes ken ik van mensen die een beter passende baan hebben gevonden, al dan niet in een andere setting. Ik realiseer me nu pas, terwijl ik dit schrijf, dat ook ik zo’n succesverhaaltje ben. “Ik werk (voor geld), dus ik doe weer mee.” Diep van binnen ben ik het oneens met die stelling, want ik ben zoveel meer dan mijn voor geld werkende zelf, of welke aandoening ook, maar het is toch ook bekrachtigend om (weer) in je eigen levensonderhoud te kunnen voorzien. Lof aan alle mensen die anderen beide kanten hiervan bijbrengen.

Eenmaal binnen bij Stichting Focus tref ik een alleraardigste winkelmedewerker en een rij met kleurige jurken, dus ik raak al snel afgeleid van mijn aanvankelijke doel: ik zoek Peter en Hanz. Even focussen nu… Een andere meneer – wat lopen hier veel mensen rond? – leidt me naar een kamer waar nog veel meer mensen rond een tafel zitten. “Ik zoek Peter en Hanz!” Geen idee wie van de aanwezigen het zouden kunnen zijn, maar bingo: ze zitten hier allebei. Eerste gedachte bij het zien van Peter en Hanz: “Oh cooooool, vette tattoeages!” Tweede gedachte: “Kom op, focus!”. Soms weet ik in de ochtend al dat het een lange dag gaat worden.

Zowel Peter als Hanz vertellen me hun verhaal en hoe ze uiteindelijk bij Focus terecht zijn gekomen. Drugs, geen dak boven je hoofd, verward gedrag: het komt allemaal voorbij en ze hebben hier genoeg eigen ervaring mee om in te zetten in een gesprek met een ander. Al bijna 25 jaar zet FOCUS zich in voor verbetering van de positie van mensen met een psychiatrische achtergrond en/of voor mensen die niet als vanzelfsprekend hun weg weten te vinden in de maatschappij. Hanz werkt, met een enkele onderbreking, al sinds 2007 als vrijwilliger bij FOCUS en weet me ontzettend veel te vertellen over wat er wordt ondernomen door de stichting. En ze hebben ook betaalde krachten, dus: Peter is er één van, al heeft hij nog wel een andere baan als ervaringsdeskundige binnen de GGz.

Uit het gesprek blijkt dat er diverse poten zijn waar de organisatie op leunt. Men kan bijvoorbeeld aan komen waaien – als kwetsbare burger, maar ook als zorgprofessional – en een herstelcursus volgen, of een andere cursus of ondersteuning krijgen. Voor hun eigen herstel, of om goede herstelondersteuning te kunnen bieden. Een andere poot is de GGz Voorlichtingspool: een groep van voorlichters met ervaring als cliënt in de GGz en/of de verslavingszorg, waarbij hun ervaringen de basis zijn van de voorlichtingen die ze geven aan derden. Dit gaat dan over een ziektebeeld/verslaving, de behandeling en het herstel, waarbij ook aandacht wordt gegeven aan de directe gevolgen op de persoon zelf en de naaste omgeving. Belangrijk onderdeel: er is veel ruimte voor persoonlijke vragen. Gestreefd wordt naar een compleet beeld, dus met vallen en opstaan, open en eerlijk. En ook – vanuit de voorlichter – niet-belerend, noch veroordelend, zodat de sfeer open is en het publiek zich vrijer voelt vragen te stellen. Dit wordt gezien als belangrijke voorwaarde om van elkaar te kunnen leren en om open te staan voor andermans ervaringen. Hoe die eigen ervaringen om te zetten naar een verhaal kan ook geoefend worden, bijvoorbeeld binnen de voorlichterspool, of de herstelwerkgroep.

Het meest memorabele wat uit deze verhalen naar voren kwam, ging over het geven van voorlichting aan de politieacademie. Wat doe je wanneer je als professional geconfronteerd wordt met een persoon die verward gedrag laat zien? Hoe bejegen je zo iemand? En hoe zorg je er als voorlichter voor dat de boodschap zo goed mogelijk overkomt en dat men dus ook de opgedane kennis in de praktijk gaat brengen? Peter legt uit wat voor impact de juiste bejegening kan hebben op een persoon in dergelijke toestand: ieder mens wil als zodanig behandeld worden. Hanz vult aan hoe hij dan toch de ruimte afgaat en de persoon eruit pikt die weerstand uitstraald… En dan een klein beetje doorvragen, de angel eruit halen en hopelijk die agent dan toch op een ander spoor zetten. Hopelijk blijft de politieacademie – maar sluiten ook andere hulpverleners hierbij aan – van hun diensten gebruikmaken.

Even terug naar het project: het beloningsbeleid voor de vrijwilliger is niet zozeer geldelijk. Wel krijg je een warm nest, aandacht, structuur en kennis wanneer je betrokken raakt als bijvoorbeeld voorlichter. Van Hanz krijg ik nog een hele stapel papieren mee – de meest recente nieuwsbrief, heel veel informatie over de stichting en de activiteiten – waarin ik bijvoorbeeld verschillende voorlichtersvormen zie staan: vaste voorlichter, voorlichter op afstand, ervaren voorlichter. Bij iedere vorm hoort een duidelijke taak, naast de meest voor de hand liggende: voorlichten, zoals aanwezigheid bij wekelijkse bijeenkomsten van de pool, inspraak in de ontwikkeling van nieuwe projecten/trainingen, of het invullen van formulieren ten gunste van de coördinator. Ik kan me voorstellen dat dit een goed opstapje is op weg naar eventueel een andere (betaalde) functie. Participeren in de samenleving gaat een stuk gemakkelijker wanneer je steun en praktische bijstand kunt krijgen van mensen die iets vergelijkbaars hebben doorgemaakt.

Nieuwsgierig ben ik naar de totale cijfers. Er zijn veel initiatieven vanuit Stichting Focus – de winkel en een plantenasiel die geld op kunnen leveren, buiten de bovengenoemde dingen die hopelijk standaard geld in het laatje brengen – en dekken deze de kosten wel met betaalde krachten in dienst? Ik heb de laatste jaarrekening doorgenomen: het eigen vermogen komt, voor een groot deel door een naheffing van pensioenpremies, aan het eind van 2020 negatief uit, waardoor er “onzekerheid van materieel belang” zou kunnen bestaan over “de continuïteit van het geheel van de werkzaamheden van Stichting Focus”. Slik. Door bezuinigingen en het exploiteren van meer activiteiten, verwachten ze dat de kasstroom een positieve impuls zal gaan maken de komende boekingsjaren. Strohalm. Na het doorpluizen van de bedragen – bizar, hoe hoog zo’n naheffing kan zijn! – ben ik toch even heel blij dat ik geld heb uitgegeven bij Stichting Focus na het gesprek met Peter en Hanz. Ik geef namelijk de alleraardigste winkelmedewerker graag nog even de tijd om te beslissen wat ze wil gaan doen na afronding van haar therapieën en dan het liefst niet gehaast. Alle mensen die ik ontmoet heb daar, eigenlijk. En vergeet de rest van de buurt, het Zwolse Dieze, niet… Hoe lang geleden is het dat jij een organisatie aan de deur hebt gehad die niet aan je vroeg of je iets van ze wilde kopen, maar die wilde weten of er iemand in de buurt was die wel een steuntje in de rug zou kunnen gebruiken (misschien had je het zelf wel nodig)? Want dat doen ze dus ook, de sociale samenhang verbeteren. Daar kan mijn gemeente nog een puntje aan zuigen.

Met mijn schamele donatie komt het boekingsjaar 2021 voor stichting Focus weer wat positiever uit de verf, hoop ik. Wil je als burger bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke, sociale of milieuproblemen: zoek eens uit welke sociale ondernemingen er bij jou in de buurt zijn en houdt de opstapjes staan voor iedereen die er (waar dat ‘er’ dan ook voor mag staan) net nog even niet bij kan komen.

Volgende week meer over mijn gesprek met Britt van WEET, de Nederlandse patiëntenvereniging voor eetstoornissen en Denise en Patricia van Dalisay Recovery, inloophuis voor personen met eetproblematiek.

— 

Kristin Swennes
Projectmedewerker ‘Waardering Ervaringsdeskundigen’